Spaarvarken

‘Het spaarvarken’ als beeldspraak helpt mij in mijn werk bij het uitleggen, helpen snappen en overbrengen van oorzaak van gedrag en gevoel bij mensen. Dan blijkt dat zowel cliënten als hun zorgdragers beter kunnen begrijpen wat er bij hen of bij de ander gebeurt. Hierdoor kunnen mensen beter omgaan met het gedrag dat ze eerder niet begrepen.

De beeldspraak van het spaarvarken gaat ervan uit dat iedereen is als een spaarvarken. In het begin zijn we allemaal leeg, maar wel heel kostbaar. Als je opgroeit, komt er van alles in je spaarvarken. Dit kunnen bijvoorbeeld ervaringen, gevoelens, vaardigheden of kennis zijn. De eerste mensen die je spaarvarken vullen zijn doorgaans ouders, broers en/of zussen, opa’s, oma’s, ooms en tantes. Alles dat er in je spaarvarken komt, kun je teruggeven aan de wereld. Dit kunnen zowel mooie dingen zijn, maar ook dingen die niet mooi zijn, die niet fijn zijn. Deze dingen geef je (vaak onbewust) terug aan de wereld.
Vanuit overlevingsinstinct ga je er van uit dat alles wat je van je opvoeders (je grote spaarvarkens) krijgt, waar is, goed is. Je kunt immers, als je heel klein bent, niet begrijpen dat de grote spaarvarkens iets aan jou geven dat niet goed voor je is.

Alles dat niet in je spaarvarken komt, kun je niet teruggeven aan de wereld. Het zit er immers niet in. En alles dat niet mooi is en in je spaarvarken komt, geven we ook terug aan de wereld en iedereen is zo’n spaarvarken. In ons dagelijks leven geven alle ‘grote spaarvarkens’ met alle zorg, liefde en hun eigen vulling, automatisch door aan hun eigen kleine spaarvarkens. Hierdoor zijn we later vaak niet in staat om aan te sluiten op wat er in onze omgeving gebeurt.

Als je eenmaal een volwassen spaarvarken bent, dan ben je dus gevuld met mooie dingen (echt geld) en minder mooie dingen (vals geld). Dit ‘valse’ geld, kun je opzoeken en onderscheiden van het ‘echte’ geld. Om zo te merken wat er in jou en aan jou is dat je maakt tot de mooie mens die je bent. PRI biedt hierbij een ‘tool’ om dit te kunnen doen.

De theoretische achtergrond van het spaarvarken is te vinden in een combinatie van de hechtingstheorie, intergenerationele overdracht en de kennis en inzichten die er zijn over het ontwikkelen van onze hersenen, hoe dit tot stand komt in interactie met onze omgeving en hoe emoties hierin een rol spelen.